Zo gebruik je de toolkit

HOE HET WERKT

Start hier

Begin met de basis. Deze twee oefeningen vormen het fundament onder alle andere. Doe ze eerst, en kom er gerust steeds naar terug.

1. De pleaser

“Soms merk ik dat ik al ja zeg, voordat ik heb gevoeld wat ík eigenlijk wil.”   

   

2. De harmoniezoeker

“Ik leerde al jong dat de relatie belangrijker was dan de waarheid.”

3. De imposter

“Straks zien ze dat ik dit eigenlijk helemaal niet kan.” 

4. De onzichtbare 

“Ik bleef stil in vergaderingen, ook als ik wist dat ik iets te zeggen had.”   

5. De stoere 

“Vrienden zoeken mij nooit op als ze iets persoonlijks willen delen. Ik ben er alleen om mee te lachen.”

6. De perfectionist 

“Ik kan pas stoppen als het goed is. En dat punt komt eigenlijk nooit.” 

7. De redder   

“Ik weet altijd precies wat anderen nodig hebben. Ik denk er niet eens over na wat ik zelf nodig heb.”   

8. De sterke

“Ik merk dat ik mijn levenshouding van schouders eronder en ik regel het zelf wel, niet meer volhoud.”